Inloggen Nog geen account?
Vul s.v.p beide velden in.

Scheikundige (chemicus)

Een scheikundige houdt zich bezig met de eigenschappen en samenstelling van allerlei chemische stofjes en moleculen. Als wetenschapper is hij of zij voortdurend bezig met onderzoek naar bestaande stofjes en probeert ook nieuwe samenstellingen te ontwikkelen. Er zijn verschillende specialisaties binnen de chemie: organische chemie, biochemie, fysische chemie, kwantumchemie, analytische chemie etc. De scheikundige heeft een goede exacte kennis maar ook de vaardigheden om deze theorie toe te passen in de praktijk. Scheikunde is bij uitstek een wetenschap die zich niet alleen beperkt tot theorie. Het heeft toepassingen in de medische wereld, de chemische industrie en de levensmiddelenindustrie. De scheikunde heeft ook een sterke connectie met natuurkunde, wiskunde en technologie. Wie een carrière als scheikundige wel ziet zitten, kan het beste kiezen voor een WO of Hbo opleiding Scheikunde.

Terug naar de beroepenlijst
Scheikundige (chemicus)

Aanpak en arbeidsmarkt

 

Hoe word je Scheikundige (chemicus)

De meest voor de hand liggende studiekeuze is de universitaire opleiding Scheikunde. Hier ligt de nadruk natuurlijk vooral op de wetenschappelijke kant van de chemie. Maar je kunt ook kiezen voor de hbo lerarenopleiding Scheikunde waarin je een brede vakkennis voorgeschoteld krijgt maar ook leert hoe je deze informatie het beste kunt overdragen aan middelbare scholieren. Er zijn ook diverse WO varianten op de studie Scheikunde zoals Scheikundige Technologie of Moleculaire Wetenschappen. Een natuurprofiel op de middelbare school is wenselijk als je een studie Scheikunde wilt doen omdat ook kennis van andere exacte vakken van pas zal komen tijdens de studie.

Arbeidsplek

In de eerste plaats werken veel afgestudeerde scheikundigen in het wetenschappelijk onderzoek. Dit kan bij universiteiten zijn, door bedrijven gefinancierde onderzoeksinstituten of de chemische industrie. Scheikundige kennis is vaak te gebruiken voor veel praktische toepassingen. Anderen kiezen ervoor om scheikunde te gaan geven op een middelbare school. Het zijn slechts enkele voorbeelden van sectoren waar scheikundigen in terecht kunnen komen. Ook de werkplek kan zeer verschillend zijn; de een werkt op de kantoor, de ander doet onderzoek in een laboratorium en weer anderen voeren analyses uit op de computer.

Als je Scheikundige (chemicus) wilt worden kun je het beste één van de volgende studies kiezen



Bekijk ook de volgende relevante studies




Interesses en competenties

De scheikundige ziet het als een uitdaging om allerlei wetenschappelijke vraagstukken op te lossen. Hij of zij kan op een systematische manier te werk gaan en heeft oog voor details. Goede mondelinge en schriftelijke communicatieve vaardigheden zijn voor de chemicus essentieel. Je moet theoretische kennis immers kunnen ‘vertalen’. Niet alleen naar allerlei praktische toepassingen van de chemie maar je moet de wetenschappelijke resultaten ook kunnen uitleggen aan je collega’s en een groter publiek.

Interesses en competenties

Arbeidsmarkt

Het arbeidsmarktperspectief voor afgestudeerde bèta´s is over het algemeen goed. Ook omdat scheikundigen in allerlei verschillende sectoren terecht kunnen komen. Het startsalaris is redelijk goed, maar een beginnend onderzoeker zal over het algemeen minder verdienen dan een starter in het bedrijfsleven. De doorgroeimogelijkheden van een scheikundige zijn ook goed maar ook geheel afhankelijk van de sector waarin je gaat werken.


Aanverwante beroepen



Arbeidsplek

In de eerste plaats werken veel afgestudeerde scheikundigen in het wetenschappelijk onderzoek. Dit kan bij universiteiten zijn, door bedrijven gefinancierde onderzoeksinstituten of de chemische industrie. Scheikundige kennis is vaak te gebruiken voor veel praktische toepassingen. Anderen kiezen ervoor om scheikunde te gaan geven op een middelbare school. Het zijn slechts enkele voorbeelden van sectoren waar scheikundigen in terecht kunnen komen. Ook de werkplek kan zeer verschillend zijn; de een werkt op de kantoor, de ander doet onderzoek in een laboratorium en weer anderen voeren analyses uit op de computer.